Doorzetten of terugtrekken: wetenschappelijke inzichten over pijn en herstel
Triatlontraining is niet voor watjes, want je moet niet één, niet twee, maar drie sporten de baas kunnen om blessures te vermijden. Van zweten in het zwembad tot zoeven op de fiets en slenteren door de gymzaal, triatleten moeten de kunst van pijninterpretatie beheersen. Maar niet alle pijntjes zijn gelijk: van die typische spierpijn na een stevige training (DOMS) tot het acute ‘help ik heb iets gescheurd’-gevoel. Warm die training op met eenvoudige sessies in zone 1 of 2, zodat je je spieren niet verder sloopt. Als het plotseling knalt en knars, is het tijd voor een pauze. Neem geen advies van Facebook-vrienden en zoek medische hulp.
Chronische pijn kan je stiekem verrassen; misschien begon het als een kleinigheidje, maar nu functioneer je alleen nog op koffie en vastberadenheid. Pijn die niet voorbijgaat en je biochemie in de war schopt, vraagt om professionele begeleiding. Je hebt experts nodig, geen amateur-dokters, om te zorgen dat je niet je hardloopschoenen inruilt voor krukken.
Bij pijn geldt: Als het pijn doet, kijk dan eerst naar je rust, voeding en hydratatie. En als je toch stoer doortrapt met een pijnscore hoger dan vijf uit tien, kijk dan uit. Vermoeide hersens maken slechte beslissingen. Dus, luister naar je lichaam en zorg voor herstelmomenten, zelfs al betekent dat enkel wat rustige en herstellende bewegingen.
Bron: Triathlon Magazine Canada
